Dr. Sugata Mitra – Minimally-invasive education in India
Een erg boeiend verhaal werd verteld door Dr. Sugata Mitra. Hij vertelde over zijn projecten getiteld “hole in the wall”. Op een dag was Dr. Mitra bij een bedrijf in India die naast een speelplaats voor kinderen lag. Hij vroeg aan de kinderen wat zij nou dachten wat er daarbinnen allemaal afspeelde. De kinderen hadden geen idee, en leken ook niet echt geïnteresseerd. Toen kwam hij op het idee om een computer met internet aan de kinderen ter beschikking te stellen via een gat in de muur. En wat bleek? De kinderen leerden binnen de kortste keren hoe ze moesten browsen en nog veel meer. Dit maakte Dr. Mitra nog nieuwsgierig dus hij besloot er een echt experiment van te maken. Gelukkig (beetje verkeerde woordkeus) was er net een tsunami geweest, dus kon hij gemakkelijk een plek vinden waar helemaal niks was. En zijn resultaten zijn geweldig. Kinderen kunnen zichzelf heel veel leren! Zo liet hij een paar kinderen in India zien die alles konden vertellen over DNA, neuronen enzovoort enzovoort. En dat allemaal door alleen maar een computer met informatie neer te zetten. Helemaal super! Maar toch miste ik iets…
Zoals Dr. Mitra zijn verhalen vertelde moest ik de hele tijd denken aan van die filmpjes met apen op Discovery. Van die experimenten waarbij een boomstam gevuld wordt met lekker eten en dat de apen dan een stok krijgen en dat wij dan gaan kijken hoe ze het oplossen. Leuk om te zien! Maar wat hebben die apen eraan? Of in dit geval: wat hebben die kinderen eraan? Wat moet een kind die ergens midden in India woont en die hoogstwaarschijnlijk nooit de kans krijgt daar weg te gaan met al die informatie uit onze westerse wereld? Ja alle kinderen hebben recht op school. Daar is iedereen het over eens. Maar is het leren van wat wij weten wel relevant? Worden zij daar gelukkiger of beter van? Hoe zou die kennis het dorp beïnvloeden? Moeten wij ons daar wel mee bemoeien? Kortom: is dit wel ethisch? Je hoort mij niet direct nee zeggen, maar ik kreeg het gevoel dat hier niet echt over was nagedacht. Er lijkt niet echt een visie achter te zitten.
Adam Greenfield – The city is here for you to use
Adam Greenfield begon zijn verhaal met “we’ve lost something and we know it.” En daarna: “How to rediscover all that made the cities of Jacob and Alexander great.” Hij liet foto’s zien van mensen met ipods en mobiele telefoons die zich volledig afsloten van hun omgeving. Hiervoor had hij een Briljante term: “Schizogyografy”. Dus ik dacht: Deze man heeft een visie! Hij gaat ons vertellen hoe nieuwe technologieën ons juist weer echt met elkaar gaan verbinden. Toen kwamen de voorbeelden: een lantaarnpaal die ons vertelt waar de dichtstbijzijnde metro is, de nike hardloopchip waarmee je een wedstrijd kan rennen tegen je vrienden aan de andere kant van de wereld of een interactieve kaart van Manhattan waarop je kan zien waar het minste criminaliteit is zodat je je route daarop aan kan passen.
Leuk, maar hoe gaat dat ons helpen om de stad te herontdekken? Hiermee wordt de “Schizogyografy” toch alleen maar erger? Ik begrijp niet hoe we de stad daarmee gaan herontdekken? Natuurlijk is het grappig om een wedstrijdje te rennen tegen iemand in India, maar volgens mij is het leuker om te rennen met je buurman om vervolgens gezellig in de kroeg op de hoek een AA’tje (of iets sterkers) te drinken. En hoe maakt een pratende lantaarnpaal de stad leuker? Het is toch juist wel gezellig als af en toe iemand je de weg vraagt? “Liever een goede buur dan een verre vriend” zegt het Oudhollandse spreekwoord. Maar langzamerhand gaan onze verre vrienden, en zelfs lantaarnpalen, concurreren met die goeie ouwe buurman. En ik zie niet hoe dat het leven op straat leuker gaat maken. In tegendeel.
Augmented reality for advertisers
Met een soort van weemoedig gevoel (“alles wordt minder”) ging ik naar de volgende sessie over augemented reality. Bij augmented reality wordt de realiteit verweven met computerdata. Zo konden we zien hoe je met een speciale bril op ufo’s kan schieten die daadwerkelijk om je heen lijken rond te vliegen en nog veel meer van dat soort leukigheden.
En daar werd ik prettig verrast door David Polinchok. Zijn missie: “to enhance engagement with people who normally don’t engage with each other”. Hij liet vervolgens een demo zien van het spelletje “break out”. Dat is dat oude spelletje met een balkje onderin waarmee je een balletje in de lucht moet houden door het balkje heen en weer te bewegen. In deze versie van het spelletje wordt het balkje echter aangestuurd door het gehele publiek: Als iedereen naar links leunt gaat het balkje naar links en vice versa. De techniek is simpel, maar het effect op de zaal is groot. Iedereen begint te roepen en met elkaar te praten. (Voor mijn imago deed ik even of ik mijn collega op links niet kende, want die werd zo fanatiek dat het gewoon gênant was ;-)) Heel fijn om een technische toepassing te zien die juist de buurman dichterbij brengt, in plaats van de verre vriend. Kortom: augmented reality is leuk, en ik denk dat we daar de komende tijd nog veel van zullen horen en vooral zien.
Tenslotte
Zoals ik al zei: op PICNIC was zoveel te zien dat het onmogelijk is om alles te vertellen. Daarom wil ik graag afsluiten met de leukste quotes van PICNIC.
Michael Johnson "It's not about being real, it's about being convincable"
Iemand uit zoetermeer "I'm from Sweet Lake City"
Pablos “When you give someone a new device most people ask themselves: what does it do? Hackers ask themselves: what can I make this do?”
Paul Pope “Mistakes are pregnant of possibilities”